De Week van Het Vergeten Kind: Waarom ‘zo thuis mogelijk’ zo belangrijk is
Begin februari stond Nederland in het teken van de Week van het Vergeten Kind, een initiatief van Stichting Het Vergeten Kind. In deze week wordt extra aandacht gevraagd voor kinderen die opgroeien in kwetsbare situaties – kinderen die te maken hebben met onveiligheid, instabiliteit of ingrijpende hulpverleningstrajecten.
In aanloop naar deze week publiceerde de stichting een podcast met het persoonlijke verhaal van Miranda. Zij vertelt openhartig hoe steun vanuit haar eigen netwerk, via de JIM-aanpak, het verschil maakte voor haar zoon én voor haarzelf als moeder. Haar verhaal onderstreept een belangrijke boodschap: kinderen ontwikkelen zich het best in hun eigen, vertrouwde omgeving. Precies dat is waar wij in het Rijk van Nijmegen dagelijks aan werken: kinderen zo thuis mogelijk laten opgroeien.
De kracht van het eigen netwerk
In de podcast komt ook Femke Bollen aan het woord, systeemtherapeut bij het InVerbindingsTeam in het Rijk van Nijmegen. Haar bijdrage laat zien hoe professionele hulp en het eigen netwerk van een gezin elkaar kunnen versterken. We zijn er trots op dat zij en haar collega’s hun expertise ook landelijk delen. Het bevestigt de kracht van de werkwijze die we in onze regio inzetten.
Het InVerbindingsTeam werkt met de JIM-aanpak: Jouw Ingebrachte Mentor. Een jongere kiest zelf een vertrouwde volwassene uit de eigen omgeving – een familielid, buur, sportcoach. Die persoon wordt actief betrokken bij de ondersteuning en blijft dichtbij, ook als professionele hulp wordt afgebouwd.
Voor Miranda en haar zoon betekende de JIM een stabiele factor in een moeilijke periode. Iemand die naast het gezin stond, meedacht en hielp volhouden. Door het netwerk structureel onderdeel te maken van de hulp, versterken we wat er al is. Dat vergroot de kans op duurzame oplossingen én verkleint de kans dat een kind uit huis geplaatst moet worden.
Minder residentiële jeugdhulp, meer ondersteuning thuis
In het Rijk van Nijmegen zetten we ons actief in om residentiële jeugdhulp terug te dringen. Soms is een tijdelijk verblijf buiten het gezin noodzakelijk. Maar we weten ook dat kinderen zich het best ontwikkelen in een stabiele, vertrouwde omgeving, met de mensen om hen heen die voor hen belangrijk zijn.
Toch zien we nog te vaak dat uithuisplaatsing volgt wanneer ouders overbelast raken en problemen escaleren. Door eerder en intensiever samen te werken met gezinnen én hun netwerk, kunnen we in veel situaties voorkomen dat het zover komt. Behandeling thuis, met passende begeleiding en betrokkenheid van het eigen netwerk, is vaak net zo effectief als verblijf in een instelling – terwijl het kind verbonden blijft met school, vrienden en familie.
Een beweging die groeit
De afgelopen jaren hebben we in het Rijk van Nijmegen belangrijke stappen gezet om uithuisplaatsingen terug te dringen. Door anders samen te werken – met gezinnen, hun netwerk en professionals – is een positieve beweging in gang gezet. De eerste resultaten zijn veelbelovend en laten zien dat investeren in nabijheid, vertrouwen en samenwerking loont.
Het verhaal van Miranda maakt duidelijk wat dit in de praktijk betekent. Achter beleid en cijfers schuilen gezinnen die perspectief nodig hebben – en die met de juiste steun vaak veel meer zelf kunnen dan gedacht.
Benieuwd naar het verhaal?
Wil je horen wat ‘zo thuis mogelijk’ concreet betekent voor een gezin? Luister dan naar de aflevering ‘Een sterke band’ van de podcast van Stichting Het Vergeten Kind met het verhaal van Miranda en de bijdrage van Femke Bollen van het InVerbindingsTeam.
Wil je meer weten over onze regionale beweging ‘Zo thuis mogelijk’ en wat wij nog meer doen om uithuisplaatsingen terug te dringen? Bekijk dan de informatiepagina op onze website.


